Winterontwikkelingen, 24 februari 2018

Samenvattend: veelbelovende schaatsweek!!
De weersontwikkelingen hebben alle signalen van een veelbelovende schaatsweek, met name op de ijsbanen. Voor het open water is de flink aangetrokken oostenwind vooralsnog een spelbreker en ook een aspect van gevaar voor onervaren schaatsers i.v.m. windwakken die later pas dichtvriezen. Een element dat sterk in het oog moet worden gehouden, daar veel mensen na vijf jaar zijn vergeten wat schaatsen op boezemwateren en vaarten qua risico’s inhoudt!

IJsbaan
Vanaf jl. woensdag troffen we elke morgen een prachtig dichtgevroren ijsbaan aan. Lees de ijsberichten van de ijsmeesters op deze website maar na. Maar de scherpe zoninstraling, waarvoor in winterbericht nr. 4 van 18 februari jl. al werd gewaarschuwd deed zijn destructieve werk en elke middag verdween het fragiele ijslaagje.
Nu rond 17.00 uur op zaterdagmiddag is de ijslaag nog intact als gevolg van door sluierbewolking getemperde zon en een stevige oosterbries. De ijsdikte varieerde om 12.00 uur van 1,0 tot 2,2 cm en zal komende nachten waarschijnlijk aangroeien tot rond 5 cm op maandagmorgen. De actuele temperatuurverwachting laat zondag tot donderdag hoofdzakelijk dagen met vorst zien, dus ook overdag geen positieve temperaturen meer en ook in onze westelijk streken in de nacht matige vorst. Een stevige oostenwind in combinatie met zeer lage dauwtemperaturen, ofwel een zeer lage luchtvochtigheid, zal de ijsgroei bespoedigen. Het enige risico is koude oren en erg droge handen en lippen. Vettig houden is geen overbodige luxe komende week!

NA 4 JAREN ZONDER VOLLEDIGE OPENSTELLING ZIET HET ER KOMENDE WEEK ROOSKLEUIRIG UIT VOOR ONZE SCHAATSMINNENDE LEDEN!


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Perspectief
Tot en met komend weekend zijn de modellen vrij eensgezind wat betreft de koude voortzetting. Ook de week erna biedt wel enige kansen op schaatsen op natuurijsbanen. Vanaf donderdag is er een toenemende kans op een neerslagfront met sneeuw dat ons vanaf het zuiden bereikt in combinatie met een stevige oostenwind. Dat kan tot bijzondere situaties gaan leiden, maar de kansen worden door de Europese weerdienst vooralsnog niet groter geschat dan 20%. Andere  modellen laten meer kans daarop zien! Nu is dus nog onduidelijk in hoeverre dit leidt tot langdurige neerslag en tot hoever dit onze landstreken zal beïnvloeden en tevens of een dergelijk grensgebied over ons land komt en blijft liggen. Feit is wel dat de ijsdikte dan zodanig is dat machinaal sneeuw geruimd kan worden. Feit is ook dat het massieve hogedrukgebied boven Scandinavië veel weerstand zal bieden en mogelijk op langere termijn weer versterkt zal worden door een nieuwe SSW ontwikkeling (zie voor uitleg hierover winterbericht nr. 4 van 18 februari jl).

Aad van Winden